Trossen los!

Trossen los!

20 februari 2020 1 Door Jos Last

M’n boekenkast vol theologische en geestelijke boeken, tientallen werkstukken over verschillende thema’s en bijbelpassages. Wanneer ik dit spiegel met mijn geloof wordt een groot contrast zichtbaar. De passie en het vuur ben ik langzaamaan kwijtgeraakt, erg brand nog wel (gelukkig) een waakvlammetje. Is dit nu hoe het zou moeten zijn? Dat geloven?

Voor een minor op school zat ik onlangs een week lang in het klooster. Hier schreef ik mijn eigen levensregel. Niet zo’n dikke pil, wat overigens ook niet nodig is, maar wel eentje die mijn leven radicaal op de kop heeft gezet. Vanuit de rust en de stilte kwam het tot een ontmoeting met God en mijzelf. Ik werd even stil gezet in mijn alsmaar voort denderende, drukke leven. Wie ben ik, waar sta ik het leven? Leef ik überhaupt of ben ik maar iemand die doet wat anderen graag in hem zien? In een boek wat ik tijdens het kloosterbezoek las stond een gedicht van Edgar Lee Masters. Het beeld dat Edgar schetst in zijn gedicht kwam flink bij mij binnen. Dit is wie ik ben: 

“Ik heb vaak gekeken naar het beeld, dat voor mij was uitgebeiteld – 
Een boot in de haven met opgedoekte zeilen. 
Eerlijk gezegd, geen beeld van mijn bestemming, maar van mijn leven. 
Want liefde werd me aangeboden, 
maar ik deinsde terug voor haar ontgoocheling; 
Verdriet klopt aan mijn deur, maar ik was bang en deed niet open 
Ambitie riep mij, maar ik durfde geen risico’s te nemen. 
Toch hunkerde ik naar een zinvol leven. 
En nu weet ik dat ik de zeilen moet hijsen 
En de wind van mijn bestemming moet vangen, 
waarheen hij de boot ook voert. 
Zin geven aan het leven kan leiden tot krankzinnigheid, 
maar een leven zonder zin is een kwelling 
Van rusteloosheid en van een vaag verlangen 
Het is een boot die verlangt naar de zee, maar toch niet durft” 

Misschien werd ik van het zoeken naar zingeving wel een beetje krankzinnig, sloeg ik er wat in door, had ik te veel de focus op het zoeken naar de zin. In de afgelopen tijd merk ik dat ik veel deed, maar niet in beweging kwam, zoals het schip in de haven. In het afgelopen jaar is de grens van het niet in beweging komen tot vastlopen kleiner geworden. In het klooster werd ik stil gezet en had ik de tijd om te bezinnen op mijn leven. Ik kwam erachter dat ik aan het vastlopen was, dat mijn schip nog steeds in de haven lag. Een andere quote uit het boek is de volgende: “Vraag je niet af wat de wereld nodig heeft. Vraag je af waardoor je tot leven komt, en ga dat doen, want wat de wereld nodig heeft, zijn mensen die tot leven zijn gekomen”. Dat is ook de titel van mijn levensregel geworden: Kom tot leven!

De laatste weken ben ik aan het ontdekken hoe ik tot leven kom en hoe ook juist niet. Dat is een proces en daar zal ik ook nog wel even over doen. Het is als God van mij vraagt om dingen los te laten en op Hem te vertrouwen. In vertrouwen op Hem heb ik dan ook besloten om mijn studie theologie te stoppen. Het is lastig om na twee jaar te moeten zeggen dat dit ’t niet is. Dat dit niet is waardoor ik tot leven kom. Wat is dan het ding waardoor ik wel tot leven kom? Geen idee, dat ga ik vanzelf ontdekken. Ik merk dat ik gezegend wordt met nieuwe uitdagingen en nieuwe ontmoetingen. God laat mij nooit vallen, maar ik moet mezelf loslaten. Ik denk dat ik nog te touwen te strak in handen neem, waardoor de wind niet in de zeilen kan komen. Het wordt tijd om de touwen los te laten, en de zeilen moet hijsen, op zoek naar de wind van mijn bestemming. Waar kom ik terecht? Geen idee, maar ik weet wel dat ik ga varen. Zie ik jou op open zee?

(Photo by Bobby Burch on Unsplash)